Steun ons en help Nederland vooruit

zondag 10 januari 2021

Bekroon Leidse hoogbouw met een lijst

Maandag begint de Week van de Leidse Hoogte. Een week waarin het gesprek met de stad wordt gevoerd over hoogbouw in Leiden. Om onze grote woningnood tegen te gaan moet Leiden steeds meer de hoogte in bouwen. De discussie over hoogbouw in onze stad beperkt zich helaas veelal tot het aantal meters dat een gebouw de hoogte in mag gaan. Waarbij de woontoren vooral uit het zicht moet blijven. En dat snap ik wel, met de ‘betonnen blokkendozen’ en ‘glazen kolossen’ uit het verleden. Hoogbouw kenmerkte zich veelal door een universele bouwstijl. Een gemiddelde kantoortoren zag je terug in elke stad en had zelfs in elk land kunnen staan. Waar onze historische binnensteden uniek en onderscheidend zijn, heeft een toren vaak weinig eigens.

Ik zie daar verandering in komen. De binnenstad van Zaandam vol naoorlogse betonbouw heeft de afgelopen jaren een metamorfose ondergaan. Geïnspireerd door de traditionele Zaanse houtbouw is onder de naam Inverdan een unieke binnenstad gecreëerd waarin oud en nieuw samenkomen. Of neem Den Haag, waar elke toren gesierd moet zijn door een fraaie bekroning. De spelregel in de hofstad is dat hoogbouw afgewerkt wordt door een ‘hoed, pet of kroon’. Hintend naar de hoofddeksels die het straatbeeld sieren.

Leiden kent een verouderde hoogbouwvisie. Dit vijftien jaar oude document sluit niet meer aan bij de uitdagingen van 2021 op het gebied van wonen en ruimte. Inmiddels schiet de hoogbouw in Leiden uit de grond. Geen andere historische stad met zo’n rijk verleden kiest zo duidelijk voor hoogbouw. Logisch, bij een stad waar je enkel kan uitbreiden door de hoogte in te gaan.

Hoogbouw is vanuit vele punten in de stad zichtbaar. Kerktorens, de stadhuistoren en ook de oude energiecentrale, zijn markeringen in de skyline die vanuit de hele stad in het oog springen. Ze mogen gezien worden, met hun rijke detaillering en kwaliteit. Deze eisen mogen we ook stellen bij de woontorens van de toekomst. Bij iets dat zo zichtbaar is, is de afwerking van groot belang. Passend bij de stad.

Maar wat zou een typisch Leidse afwerking zijn? Ik ben geen bouwhistoricus en evenmin een architect, maar kijk wel veel om mij heen. Wandelend door een stad lees je de geschiedenis van de stad af aan de bebouwing. Daarom een kleine anekdote: Om mijn in Amsterdam wonende vriend te overtuigen toch echt de stap naar Leiden te zetten, zijn we uitvoerig door de stad gaan lopen. Afkomstig uit Amsterdam viel hem iets op aan de Leidse binnenstad: de monumentale gebouwen, of ze nu uit de 18e, 19e of 20e eeuw komen, worden meestal door een lijst bekroond. Geen trapgevel, tuitgevel of klokgevel, maar de sierlijst domineert het straatbeeld.

Hoogbouw wordt gezien, daarom mogen we als Leidenaren daar kwaliteit bij verwachten. Een zelfbewuste stad mag eisen stellen, passend bij het karakter en de historie van de stad. Ook dat is iets wat we in de hoogbouwvisie moeten opnemen. Ik roep op om de discussie over hoogbouw te verbreden. Om het nu ook over het uiterlijk te hebben. Bijvoorbeeld door de hoogbouw te bekronen met een typisch Leidse lijstgevel.